Onmiddellijk de natuur in

Gisterennamiddag heerste de WK-koorts op TGV naar Parijs. De toon werd meteen gezet: “in de restowagen worden vandaag alleen mensen bediend die supporteren voor Les Bleus”. Een paar uur later zaten we in een splinternieuwe 878 naar Bogota. Er zat niets anders op dan de halve WK-finale van de Belgen te volgen via de dure en trage internetverbinding in het vliegtuig. Het lukte om sporza radio te streamen, maar na 10 minuten waren de eerste 30 euro er al door. België verloor en we konden slapen.

Rond 23 lokale tijd zijn we aangekomen in ons hotelletje in Bogota. Slapen stond nog niet op de agenda, want we moesten onze bagage nog volledig herschikken. Er mocht immers slechts 10kg per persoon mee richting Caño Cristales. Op het moment dat onze biologische klok “opstaan!” riep, konden we eindelijk in bed.

Vijf uur later liep de wekker af. Als twee zombies sleepten we onszelf richting ontbijt. Het buffet was van topkwaliteit en na de tweede kop sterke koffie voelden we ons stilaan weer mens. In afwachting van onze pick-up drentelden we even rond op het pleintje voor het hotel. Het is best wel een charmant plekje. Maar steden zijn echt niet ons ding. Liever meteen de natuur in.

Op de airstrip van La Macarena. Ieva probeert Fernando te bereiken

Op weg naar de luchthaven pikten we Ieva op. Zij is een Litouwse die onder andere via België Colombia verzeild is en voor de komende dagen onze tolk / fixer zal zijn. Als de boarding time van onze vlucht nadert, komt plots de mededeling op de schermen dat de vlucht een uur vertraagd is. En een uur later nog eens een uur. Enzovoort. Uiteindelijk zijn we vertrokken met 5 uur vertraging. Later zouden we vernemen dat de luchthaven urenlang dicht was wegens lage bewolking en felle regen. Op de luchthaven is geen instrumentatie voor landen, alles gebeurt op zicht.

Bij het aanvliegen naar La Macarena ben ik verbaasd dat er zoveel gras te zien is. Ik had een dicht jungle verwacht. Als we uitstappen, valt meteen op dat het hier krioelt van zwaarbewapende militairen. Het is meteen duidelijk dat we hier midden in voormalig FARC gebied aangekomen zijn.

Militairen als deel van de lokale natuur

We worden via allerlei bypassen door Fernando de luchthaven uitgehaald nog voor onze bagage er is. Ook ontlopen we de briefing van de overheden. We zien nog in een flits dat Engeland-Kroatië 1-1 staat. We worden snelsnel in een driewieler mototaxi gepropt en afgevoerd. Even later krijgen we onze bagage en onmiddellijk gaan we verder richting bootje. Er is haast, want het team wacht ons op in El Raudal en er is geen enkele communicatie mogelijk. Onze lunch staat daar wellicht al uren af te koelen.

In plastieken tuinstoelen de boot op

We nemen plaats op plastieken tuinstoelen en vertrekken stroomopwaarts, richting El Raudal. De rivier is veel breder dan ik dacht en er staat een heel sterke stroming door de massale regenval van de voorbije dagen. Meteen maken we weer kennis met de rijke fauna van dit Amazone-achtig gebied. We zien schildpadden,

Brulaap onderweg

apen, prachtige vogels, kaaiman, leguaan, luiaard.

Na een dik uur komen we aan bij El Raudal. Toen ik tijdens de voorbereiding van de reis GPS coördinaten probeerde te vinden van El Raudal, bleken er tientallen Raudals te bestaan. “Onze” Raudal bleek zich te bevinden bij N2°17.5254′ W73°52.6873‘. Blijkt nu dat Raudal niets anders betekent dan ‘water met golven’. Hier op deze plek verbreedt de rivier plots. Het aanstormende water vertraagt en daardoor ontstaan golven van wel anderhalve meter hoog.

Op weg naar ons kamp

Vlak voor de lijn waar de hoge golven beginnen, meren we aan en na een paar honderd meter stappen komen we aan bij onze slaapplaats voor de eerste nacht. Het is een open ruimte met hangmaten tussen de palen. Vanop het terras hebben we een buitengewoon indrukwekkend zicht op de rivier en de Raudal.

Zicht op de Raudal. Gietende regen.

Deze plek wordt bewaakt door een zestal zwaarbewapende militairen. Een ervan geeft Rambo-gewijs een kogelband rond zijn nek hangen en schietensklaar in zijn wapen zitten. Het geeft een onbehaaglijk gevoel.

We worden door de mensen van de lokale gemeenschap onthaald als echte VIPs. De mensen doen hun uiterste best om het naar onze zin te maken. Blijkbaar maken weinig toeristen deze tocht.

Fernando vertelt enthousiast

Intussen is het hard beginnen regenen. In de kraaknette keuken wordt onze lunch bereid en we smullen van onze eerste authentieke Colombiaanse maaltijd: vis die gevangen werd in de rivier, dikke pannekoeken op basis van maïs, één blaadje sla.

Na het eten stelde Fernando voor om even te gaan zwemmen in de ‘well of love’. De zon was intussen ondergegaan. In het schermerdonker en in de gietende (warme) regen gingen we richting watervalletje.

Op weg naar de “Well of love”. Het was wennen aan de regen

We plonsden een kwartiertje rond en gingen dan terug richting huis. We hadden nog geen honger en lieten het avondeten aan ons voorbijgaan. De Colombianen waren verbaasd over onze soberheid. Ze moesten eens weten.

Intussen verandert het plan voor morgen ongeveer 7 keer per uur. Uiteindelijk komen we tot een diepgravend compromis: we staan morgen op om 6 uur en zien dan wel weer.

Later zouden we leren dat er een heel gepuzzel aan te pas kwam om de verloren dag van vandaag in te halen, in combinatie met de vergunningen die we gekregen hadden om de verschillende delen van het nationale park te betreden, in combinatie met het feit dat we slechts één nacht vergunning hadden om hier te slapen.

Duizenden mosquito’s. Blij dat we in een tentje konden slapen

Die laatste vergunning was oorspronkelijk twee dagen, maar alles werd enkele weken ingetrokken na een bushfire.

Slapen in hangmatten hebben we nog nooit gedaan. Ik vreesde dat mijn rug daar enorm zou onder lijden en dus hadden we onze thermarest matjes mee. We werden helemaal niet uitgelachen, men leek wel onder de indruk dat we goed voorbereid op stap waren. Er werd nog ergens een tent te voorschijn getoverd die midden op de dansvloer geïnstalleerd werd. Perfect.

Geef een antwoord